Wazige verhaaltjes, goedkoop ogende pixelgames, vreemde hipster-thema’s en ontwikkelaars die maar blijven schooien om geld via kickstarter. Ik heb een fobie voor indies. Maar is dat wel terecht?

Indiegames zijn games die door onafhankelijke (independent, of indie in het kort) ontwikkelaars gemaakt worden. Ze hebben geen steun van grote uitgevers en daardoor hebben ze vaak ook maar een klein budget en een klein team om mee te werken.

Veel mensen roemen hun creativiteit. Omdat ze geen grote uitgevers achter zich hebben, kunnen ze meer creatieve risico’s nemen. Ik zie dat vaak niet. Wat ik zie is vrijwel altijd een grote, kleurige pixelbrij. De zoveelste simpele platformer met een geinige gimmick. Het maakt dat ik een titel vrijwel direct oversla zodra ik het woord indie hoor.

Dat het ook anders kan, daar kwam ik onlangs achter. Ik speelde een paar games waarin ik geen character onder de knoppen had die uit drie pixels bestond. Deze games hebben ervoor gezorgd dat ik tegenwoordig indies wat eerder een kans geef. Wanneer je dezelfde fobie voor indies hebt als ik, dan zouden deze titels je daar wel eens vanaf kunnen helpen.

Costume Quest

Costume Quest gaat over een tweeling die rond Halloween net is verhuist naar een nieuwe stad. Hier gaan ze samen verkleed langs de deuren om zo een enorme berg snoep te verzamelen en om nieuwe vrienden te maken. Totdat één lid van de tweeling ontvoerd wordt door een heks die Halloween tegen wil houden. Het doel van snoep verzamelen blijft maar nu moet je ook je zusje/broertje redden.

Costume Quest is een RPG. Niet heel groot en uitgebreid, maar toch. Je gaat bij deuren langs om snoep te verzamelen, maar sommige huizen zijn al overgenomen door de handlangers van de heks. Daar moet je vervolgens mee vechten. Het kostuum dat je draagt bepaalt hoe je dat doet. Draag je een robotkostuum, dan verander je in een enorme robot. Ben je een ridder, dan  vecht je ook als ridder. Ieder met zijn eigen krachten. Buiten de gevechten heb je die kostuums ook nodig om verder te komen in de wereld.

Erg tof gedaan en ontzettend grappig. Het ziet er goed uit en kent een duidelijk verhaal. Absoluut een aanrader om mee te beginnen wanneer je het indie-genre eens wilt proberen.

Unravel

In Unravel speel je met Yarny. Een poppetje gemaakt van een draadje rode wol dat langzaam uit elkaar rafelt terwijl hij reist. Door nieuwe draadjes wol te vinden kun je jezelf herstellen en verder reizen door de wereld, op zoek naar herinneringen van een vergeten familie.

Unravel is een platformgame, waarbij je gebruik moet maken van het feit dat je een bolletje wol speelt. Zo kun je draden gooien om hoger gelegen platformen te bereiken, of je knoopt dingen vast om een puzzel op te lossen. Alles werkt soepel en de game ziet er schitterend uit. Daarbij wordt het verhaal volledig door de wereld verteld. Er komt geen woord aan te pas. Klinkt alweer wat eng en typisch indie maar wanneer je de game een kans geeft raak je vanzelf verkocht. Je moet echt een hart van steen hebben wil je niks voelen bij deze game.

Ori and the Blind Forest

In Ori and the Blind Forest speel je met Ori, een Spirit Guardian die op reis moet om zijn thuis, het bos Nibel, te redden van de duisternis. Ik wil niet te veel spoilen eigenlijk, maar de game begint meteen met een vrij heftige gebeurtenis. Eentje die zo wordt neergezet dat ik er een beetje een brok van in mijn keel kreeg. Erg goed gedaan in een game waarin wederom weinig wordt verteld met woorden.

Ori is een Metroidvania-achtige platform game met een heel klein beetje RPG hier en daar. Je kunt Ori steeds sterker maken, en met die nieuwe vaardigheden kun je weer terug naar eerder bezochte gebieden om daar op plaatsen te komen die je eerder niet kon bereiken. Wederom een schitterend mooie game, met soepele controls. Zeer de moeite waard.

Layers of Fear

Ook voor de horrorliefhebbers is er een indietitel te vinden. In Layers of Fear speel je een schilder die zijn magnum opus probeert te voltooien. Helaas voor hem is hij niet helemaal lekker in zijn bovenkamer. Dit zorgt voor zeer creepy en vreemde hallucinaties.

De game draait voornamelijk om het oplossen van puzzels om verder te komen in je landhuis en zo je meesterwerk te voltooien. Langzaam maar zeker kom je zo achter de oorsprong van dit kunstwerk en het geheim van de schilder. De game speelt in first person en zit vol met creepy shit en jump scares. Hou je van enge shit? Dan is dit een titel die je best eens kunt proberen.

Rocket League

In Rocket League moet je met rocketcars voetballen. Dat is inderdaad net zo debiel als het klinkt maar zo ongelooflijk leuk. De game is makkelijk te leren, maar om er echt goed in te worden moet je wel even oefenen.

De potjes zijn lekker snel en kort, dus je kunt de game makkelijk even snel ergens tussendoor opstarten. Er zijn tal van visuele upgrades en autootjes te unlocken dus ook daar ben je nog wel even zoet mee. Speel je graag online? Dan is dit echt een aanrader!

Indie’s zijn niet eng

Met bovenstaande titels ben ik redelijk van mijn fobie voor indies afgekomen. Natuurlijk ga ik nog steeds voor de grote triple-a-titels die er uitkomen, zoals bijvoorbeeld Mass Effect Andromeda. Dat zal ook nooit veranderen, maar inmiddels ben ik wel bereid om af en toe eens een indie titel een kans te geven, en dat is iets wat ik een jaar geleden nooit had gedacht.

Abonneer
Abonneren op
0 Reacties
Inline Feedbacks
View all comments